De 5 beste non-fictie boeken die ik in 2019 las

In 2019 las ik 25 boeken, waarvan het merendeel romans. Het was onderdeel van de Goodreads Book Challenge die ik al zo’n twee jaar volg (met dank aan Lisanne voor de introductie!) om wat structureler te lezen. Dat deed ik te weinig.

Boeken lezen zie ik als meer dan alleen vermaak. Lezen is intellectuele prikkeling doordat je constant in aanraking komt met andere werelden, verschillende denkwijzen, nieuwe ideeën en unieke invalshoeken. Deze 5 non-fictie boeken vond ik dit jaar het meest verfrissend.

5. Zelfverwoestingsboek (2019) – Marian Donner

Een leven waar we niet continu onszelf hoeven te verbeteren met meditaties, yoga of mindfulness. Waar we niet hoeven te streven naar succes in de ‘neoliberale samenleving’ Een leven waar je mag zuipen, snuiven, dansen, schreeuwen, vechten, huilen. En waar je de rafelrandjes juist op moet zoeken in plaats van streven naar het gepolijste leven.

‘Zelfverwoestinsgboek’ van Marian Donner is een pamflet voor het imperfect leven. Het is daarnaast een stevige middelvinger naar de zelfopgelegde prestatiemaatschappij, maar de rechtlijnigheid van technologie en in zekere zin naar het individualisme. Want ligt niet altijd aan jou lijkt Donner te zeggen. Jij bent geen machine waar je eindeloos aan kunt sleutelen of perfectioneren.

Volgens Donner is de mens geen machine. Het gaat niet altijd goed en we hoeven niet altijd positief te zijn. Je mag op je bek gaan en uit de band springen en daar hoef je zelfs niet eens van te leren. Waarschijnlijk vergeet je het toch. We moeten juist meer de randjes opzoeken volgens Donner en in een schamele 127 pagina’s schetst ze de beelden hoe ze dat zelf voor zich ziet. Zonder vastomlijnd stappenplan of oplossing om jezelf de verlossen. Het is een van de meest pretentieloze ‘zelfhulpboeken’ (ik denk niet eens dat je het zo kunt bestempelen maar uit gebrek aan een beter woord doe ik het maar toch) kunt noemen.

4. Sapiens (2012) – Yuval Noah Harari

In Sapiens beschrijf Yuval Noah Harari de geschiedenis van de homo sapiens als mens- en diersoort. Hij begint zijn verhaal in een tijd waar er meerdere diersoorten zijn maar beweegt al snel naar hetgeen wat de homo sapiens een voorsprong gaf ten opzichte van anderen: ons vermogen om te verbeelden en onze inventiviteit.

We gaan langs een tijdperk van jagers en verzamelaars door naar tijdperken agrarische revolutie, civilisaties, religie, het kapitalistische systeem, de wetenschap, industriële revoluties. Het boek sluit af met een blik naar de toekomst. Een toekomst waar de mens maakbaar wordt en waar er uiteindelijk een soort ontstaat die de homo sapiens zal voorbijgaan.

‘Sapiens’ is fijn om te lezen. Het zit vol beeldende voorbeelden en leest als een spannend geschiedenisboek. Het laat alle grote krachten van de mensheid zien maar laat ook de delen zien die minder prettig aan ons verleden zijn. Oorlogen, imperialisme, slavernij, de keerzijde van het kapitalisme. Hij observeert de homo sapiens als een subject en ontleedt alles wat de mens een mens maakt.

Een geweldig boek. Aanrader voor iedereen.

3. Mastery (2012) – Robert Greene

Robert Greene is een prachtige verhalenverteller. In Mastery verbindt hij verhalen uit alle tijdperken van de menselijke geschiedenis met elkaar. Hij neemt je als lezer mee hoe grootmeesters zoals Da Vinci, maar ook vele onbekende meesters uit eigen tijd, te werk gingen en wat je daarvan kunt leren.

Robert Greene is een prachtige verhalenverteller. In Mastery verbindt hij verhalen uit alle tijdperken van de menselijke geschiedenis met elkaar. Hij neemt je als lezer mee hoe grootmeesters zoals Da Vinci, maar ook vele onbekende meesters uit eigen tijd, te werk gingen en wat je daarvan kunt leren.

Ik kan op het moment niet meer alles voor me halen, maar ik haalde er dezelfde boerenwijsheid uit die ik ook uit de biografie van Stephen King haalde (mijn favoriete boek vorig jaar).

Als je echt iets voor elkaar wilt krijgen, zul je de uren erin moeten stoppen en hard moeten werken. Robert Greene vertelt in Mastery dat het echter ook loont om iemand te vinden waar je als ‘apprentice’ (soort leerjongen) kunt werken. Dit is iets wat we in de moderne tijd denk ik vergeten. Je kunt niet volledig expert worden zonder ook te leren van mensen die meer weten. Een mooie les die ik nog dagelijks in mijn werkende leven probeer toe te passen.

2. Meditations (?) – Marcus Aurelius

Dit eeuwenoude dagboek van een Romeins keizer en filosoof was nooit bedoeld voor publicatie. Al denk ik stiekem dat Marcus Aurelius, een van de meest geliefde keizers uit het Romeinse rijk, zijn woorden prima in een blog had kunnen vertalen als hij in dit tijdperk leefde. Tussen alle oorlogen en heerschappij door onderzocht hij al schrijvend de thema’s waar we allemaal mee als mens te maken hebben – angst, onzekerheden, de dood, het oordeel van anderen.

Vanuit zijn de filosofische stoïcijnse leer reflecteert hij op universele thema’s en daar zitten vaak prachtige stukken tussen die ondanks de oudheid van de woorden aanvoelen als pragmatisch advies. Het viel me op hoeveel overeenkomsten er waren tussen het stoïcisme en zen-boeddhisme en de mindfulness-trend die nu gaande is. Zoals de interconnectiviteit van mensen, dieren en de natuur maar ook de ‘directing mind’ – de tweede, onderbewuste jou. Nooit wordt zijn dagboek echter grootmoedig. Aurelius blijft nederig naar de oorsprong van ales en de directie die zijn geest hem oplegt.

Behalve af en toe wat verwijzingen naar de Goden (een referentie naar het Romeinse pantheon) is er echter niets zweverigs aan de wijze, tijdloze woorden van Aurelius. Het is juist een van de meest menselijke boeken die ik het afgelopen jaar las. Ik betrap mezelf er nog regelmatig op dat ik weer teruggrijp naar bepaalde hoofdstukken. Geen makkelijk verteerbaar boek, ook vanwege het soms lastige Engels. De wijsheden staan niet in listicles, maar dat zorgt juist voor de juiste prikkelingen. Goede introductie over de stoïcijnse filosofie waar ik nu meer in geïnteresseerd ben.

1. GRIP (2019) – Rick Pastoor

Grip is een van de meest behulpzame boeken die ik dit jaar heb gelezen. Het is in alle opzichten een zelfhulpboek en staat daarmee haaks op het ‘Zelfverwoestingsboek’ van Marian Donner (plek 5). Desondanks heeft dit boek me enorm geholpen in het vinden van een gezonde balans tussen werk en privé.

Het uitgangspunt van Grip is dat we nooit echt hebben geleerd hoe we moeten werken. Op scholen wordt je niet geleerd hoe je je werkdag het best in kunt richten als je eenmaal aan de slag gaat. Hoe ga je om met afleiding en hoe kom je erachter wat je echt wilt in je carrière en je leven?

Grip zit bomvol tips over hoe je jezelf kunt organiseren in je werk, privéleven en het leven in het algemeen. Het gaat soms om dingen die je misschien al een keer ergens anders ben tegengekomen, zoals je mail checken op vaste tijdstippen. Daar vond ik Grip goed in, maar waar het voor mij echt in uitblonk was het jaarplan en de grote vragen die je daaromheen stelt.

Waarom doe je wat je doet? Waar word je ‘s ochtends voor wakker? Wat zijn je ambities? Waar wil je over tien jaar hebben bereikt?

En vervolgens geeft het de handvatten om dit stap voor stap te realiseren. Een middel daarvoor is het jaarplan, waar je stap voor stap per categorie (gezin, werk, vrienden, vrije tijd, sport en gezondheid) reflecteert, brainstormt en plannen maakt voor het jaar wat voor je ligt. Ik heb begin 2019 zo’n plan gemaakt en ben op het moment bezig met het plan voor 2020. Waarom? Omdat ik er echt ontzettend veel aan heb gehad. Ik raad iedereen dit boek aan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *